Illegaal asielzoekerstuig

De Nijmeegse politie gaat extra surveilleren in het Kronenburgerpark.

De reden: mensen die door het park lopen om bijvoorbeeld hun hondje uit te laten, worden lastig gevallen door mannen, die soms opeens uit de bosjes springen en dan met ze meelopen.

Vroeger was het Kronenburgerpark bekend van Frank Boeijen, daarna van overlast door drugshandelaren en nu dus van illegaal asielzoekerstuig.

Oeps!

Zei ik ‘illegaal asielzoekerstuig’?

Dat mag zomaar niet!

Die eenzame mannen die verlegen zitten om een praatje heten volgens De Gelderlander (een boereneditie van het hyper-politiek correcte Algemeen Dagblad) “personen die nieuw in de stad lijken te zijn”.

De dagelijkse ’99 woorden’ worden mede mogelijk gemaakt door vaste maandelijkse donaties (Back me) en door incidentele giften (Bunq me).

 

Een made

Hij zat al in de top 3.

Vandaag heeft Hans Nijenhuis, de hoofdredacteur van het Algemeen Dagblad, definitief de eerste plaats gepakt.

Jammer voor Hans Laroes, balen voor Peter Vandermeersch, maar Hans Nijenhuis is definitief de grootste ransaap in de Nederlandse journalistiek van dit decennium.

Wie een oproep op Twitter plaatst aan mensen die in de zaal zaten toen cabaretier Youp van ’t Hek onwel werd om “daarover te vertellen”, is geen mens, maar een made.

Wie zo’n tweet later weghaalt en “Sterkte Youp” twittert, is een lafbek bovendien.

Alles voor de pageviews. Wat een bloedhond ben je dan.

De dagelijkse ’99 woorden’ worden mede mogelijk gemaakt door vaste maandelijkse donaties (Back me) en door incidentele giften (Bunq me).

 

Dialoog #45 Hanina

Lees alle reviews over Sell Your Book, Script, or Column

“Hans, de voorzitter van de redactieraad aan de lijn.”

“O jee!”

“Wanneer je bekend maakt dat je die hoofddoek er uit gooit als columnist.”

“Is er helemaal bij ingeschoten de afgelopen veertien maanden. Drukdrukdruk.”

“Hij zegt dat het nu wel genoeg abonnees heeft gekost. Vandaag, anders komt er een vervelende plenaire redactievergadering.”

“Even een mooie volzin bedenken. Zeg maar dat het goed komt.”

“Hij wil die ‘volzin’ weten.”

“Eh… ‘Je hoopt dat in de loop der tijd een band groeit tussen schrijver en lezer. En soms gebeurt dat niet’. Kan ie daar mee leven?”

“Ja.”

“Tof! Doe ik dat.”