Gereedschapskist

Toen mijn moeder in 2017 overleed, kreeg ik de laatste gereedschapskist van mijn vader.

Mijn vader was heel zuinig op zijn spullen. Netjes. Systematisch. Bakje voor dit, bakje voor dat.

Wij zijn zo niet. Wij flikkeren het gereedschap dat we gebruikt hebben ergens op de grote hoop. En als we iets nodig hebben, zijn we meer tijd aan het zoeken dan aan het klussen. Of halen we even nieuw, bij de bouwmarkt.

Onlangs opende ik de gereedschapskist van mijn vader. En gisteren gebruikte ik ‘m voor het eerst.

Ik moest slikken.

En beloofde mezelf plechtig ‘m netjes te houden.

 

Raar stel

Wij zijn een beetje raar in ons gezin.

Pim Dijkgraaf gaat rustig een week karpervissen in Polen, terwijl hij een stuiterbal is.

Ik liep de Vierdaagse van Nijmegen, terwijl ik mensenmassa’s háát, vooral zingende.

Mevrouw Dijkgraaf fietste de Friese Elfstedentocht. Mijn vader had kanker (en hoop) en zou zijn automatische startbewijs verliezen als hij ‘m dat jaar niet uitreed. Dus deed Thea dat stiekem op zijn naam. Ongetraind. Gekkenwerk.

En Bob, ons schrikkelkind van 29-2-‘92? Die liep gisteren in de stad van ons hart zijn eerste marathon uit. In een tijd van 4.33.34.

Wéér een palindroom.

Denk ik dan…

 

De weduwe Beukers

Mijn nicht Sandra stuurde me gisteren een krantenknipsel uit Het Vrije Volk van 14 januari 1955.

Over een aanrijding op de Strevelsweg in Rotterdam. Daarbij kwam de 50-jarige weduwe B.P. Beukers-van der Heiden van het Reigerspad om het leven.

Ik wist wel dat de oma die ik nooit gekend heb door een dronkenlap was doodgereden. Haar voorletters kende ik niet. Haar meisjesnaam kende ik niet. Dat ze pas 50 was, wist ik niet.

Mijn moeder heeft het vast allemaal weleens verteld. Maar de oma die ik nooit gekend heb, kwam nooit echt tot leven.

Tot dat krantenknipsel.

Ik slikte.

 

Tante Plony

Vandaag is weer zo’n dag.

Tante Plony, de zus van mijn vader, zou 87 geworden zijn.

Ware het niet dat Alzheimer, net als eerder bij haar ouders, roet in het eten gooide. Ze overleed in 2014.

Het is zo’n dag dat ik denk aan wie dood zijn. Aan mijn eigen ouders. Aan de ooms en tantes van moederskant, die ik nodig weer eens moet bezoeken.

Eerst nog even dit. Dan nog even dat.

Maar daarna doe ik het. Echt!

Want voor je het weet, is het te laat.

Niet alleen de tijd, maar je hele leven vliegt voorbij.

 

Overleden

In 1997 werd ik, evenals twee Panorama-collega’s, van mijn bed gelicht. We hadden een undercover-reportage niet zo handig aangepakt.

Er volgden drie dagen zonder riem in de broek en veters in de schoenen in een politiecel, 23 maanden wachten op al dan niet een strafzaak en veel morele druk van mijn toenmalige werkgever om een schikking te accepteren.

Gisteren werd bekend dat de politieke bestuurder die ons toentertijd per se een lesje wilde leren, is overleden.

Ik vroeg mevrouw Dijkgraaf: “Is het heel raar als ik…”

Ze onderbrak me. “Ja, dat is héél raar!”

Ik zweeg.

Net op tijd…