De straat op

Ik ben absoluut geen actievoerder.

Eén keer in mijn leven ging ik de straat op. In 1975. Met een billbord steunde ik Joe Frazier in zijn ‘Thrilla in Manila’ tegen Mohammed Ali.

Geen idee meer waarom. Misschien wel omdat Ali zichzelf ‘The Greatest’ noemde. Ik heb levenslang een bloedhekel aan arrogantie en was sowieso altijd voor de underdog.

Het sloeg nergens op, die demonstratie.

Ik was de enige.

Morgen demonstreer ik weer. Vreedzaam, wandelend en zingend in een geel hesje. Weer voor de underdog: de Nederlander die het land van ’15 miljoen mensen’ terug wil.

Hopelijk niet als enige.

 

Arme Soundos

Cabaretier Soundos  El Ahmadi mocht uithuilen in De Telegraaf.

Ze vond dat ze zich “als vrouw en Marokkaanse” meer moest bewijzen dan mannelijke collega’s. Theaterdirecties hadden haar namelijk afgewimpeld “omdat ze al drie vrouwen en vier allochtonen geboekt hadden”.

En tegen Theo Maassen zeiden ze dat niet.

Zo zie je waarom je maar beter altijd radicaal eerlijk kunt zijn.

Als die theaterdirecties gewoon hadden gezegd dat ze zich plaatsvervangend schaamden voor haar optredens als huiscabaretier van DWDD, zou ze misschien nog badjuf kunnen worden.

Want als Soundos ‘praat’, durft geen kind meer te verzuipen.

Nu blijft ze, tevergeefs, hopen…

(c) Jan Dijkgraaf