Herinneringen

Mijn buurjongen had zo’n grote waspoederton, waarin ie zijn knikkers bewaarde. Van OMO. Of Dash, daar wil ik van af wezen.

Ik had geen ton nodig.

Want als ik met Arie knikkerde, was zijn ton na afloop een heel klein beetje voller en moest ik naar Speelgoedhandel Slingerland om nieuwe knikkers te kopen.

Zo lagen de verhoudingen.

Ik geloof dat ik nooit ook maar met de kleinste winst naar huis ging.

“Daar leer je van”, zei mijn vader dan, als ik mijn zakgeld weer uitgaf aan nieuwe knikkers.

Dat klopte.

Ik ben later nooit meer een kansloze strijd aangegaan.

PS. Wil jij het complete verhaal, als cadeautje voor jezelf of een dierbare? Koop het hier.

(c) Jan Dijkgraaf

 

Been omhoog

Zij woonden in Bergambacht. Wij in Eesterga.

Precies 152 autokilometers.

Toen Thea, mijn vrouw, bij het volleybal haar achillespees afscheurde en een week met haar been omhoog moest, belde ik niet mijn baas, om een week vrij te nemen. Of de Thuiszorg, voor hulp.

Maar mijn moeder.

“Ma, kunnen jullie een weekje hierheen komen om te helpen?”

Mijn moeder vond het geen rare vraag en was blij de (klein)kinderen te zien. Mijn vader nam zijn racefiets mee. En ik vond mezelf heel erg oplossingsgericht.

“We komen er meteen aan”.

Ik weet niet of het normaal was.

Bij ons wel.

PS. Wil jij het complete verhaal, als cadeautje voor jezelf of een dierbare? Koop het hier.

(c) Jan Dijkgraaf

 

Mijn eerste keer

1962.

1963.

1964.

1965.

1966.

1967.

1968.

1969.

1970.

1971.

1972.

1973.

1974.

1975.

1976.

1977.

1978.

1979.

1980.

1981.

1982.

1983.

1984.

1985.

1986.

1987.

1988.

1989.

1990.

1991.

1992.

1993.

1994.

1995.

1996.

1997.

1998.

1999.

2000.

2001.

2002.

2003.

2004.

2005.

2006.

2007.

2008, met tranen.

2009.

2010.

2011.

2012.

2013.

2014.

2015.

2016.

Het was precies 55 keer. We sloegen nooit over. Echt nooit! Want het was de enige familietraditie.

In 2017 heb ik de eerste Oudejaarsavond die ik niet vier met tenminste één van mijn ouders.

Ik zie er als een berg tegenop.

PS. Meer, meer, meer verhaaltjes?

(c) Jan Dijkgraaf

 

Dementie-angst

Mijn oma werd op haar 80ste dement. Mijn opa werd op zijn 80ste dement.

Mijn vader sprak nooit over angsten, maar als hij één angst had, was het om op zijn 80ste dement te worden.

Hij had zijn moeder en zijn vader allebei zien veranderen van actieve bejaarden in vastgebonden baby’s, voor wie de dood wel een verlossing moest zijn.

Bij mijn vader won kanker het in 2008 van Alzheimer. Hij werd 73.

Het is vreselijk egoïstisch, maar ik had graag geweten of zijn angst terecht was. Dan had ie minstens zeven goede jaren extra gehad.

En wij hem.

PS. Koop het boekje ‘Ik weet nog wel dat…’, met nog 98 van dit soort herinneringen

(c) Jan Dijkgraaf

 

Grote-mensenfiets

Op het moment dat je in mijn jeugd naar de middelbare school ging, kreeg je in plaats van je kinderfiets een grote-mensenfiets.

Ik dus ook.

Alleen: het paste nog niet.

Toentertijd was er voor verticaal uitgedaagden als ik een tussenoplossing: een herenfiets met een kromme stang.

Dus ik overbrugde de 11,1 kilometer tussen de Goudenregenstraat in Bergambacht en de RSG aan de Burg. Martenssingel in Gouda dagelijks op een net-niet-fiets.

Volgens mijn moeder was het niet iets om je voor te schamen.

Tuurlijk.

Weinig jongens verlangden dan ook zo naar hun eerste brommer als ik.

Een Puch. Met hoog stuur.

PS. Lees ze allemaal.

(c) Jan Dijkgraaf