Racisme in je broekje

Mijn moeder was al geen racist toen het nog onnodig was om te zeggen dat je geen racist was.

Halverwege de jaren ’70 kwamen de eerste gezinnen van de gastarbeiders die in de timmerfabrieken in Bergambacht werkten over naar ons land. Toen er een Marokkaans jochie bij mijn zusje in de klas kwam, Benaissa, moest ze hem van mijn moeder direct uitnodigen om bij ons thuis te komen spelen.

“Want anders heeft ie niemand”, zei ze. “En dat vind ik zielig”.

Nú zouden racisten-met-een-kleur haar een ‘helper whitey’ noemen.

Zelf houd ik het op: mijn moeder.

PS. Meer, meer, meer?

(c) Jan Dijkgraaf